OVER
Al jaren ben ik besmet met het maine coon virus. Het kreeg mij te pakken toen mijn zoon,  (13 jaar geleden), graag een grote langharige kat wilde hebben. Het werd Djengis, een flinke black tabby pluizebol. Wij waren helemaal verkocht  en snel kwamen er meer vriendjes voor Djengis en ons bij. Dit groeide uiteindelijk uit tot een cattery. De catterynaam is toendertijd bedacht door de kinderen.

Mijn hart ligt niet alleen bij de Maine Coon, maar ook bij dieren in het algemeen. Het is fijn om iets voor dieren te kunnen betekenen. Vandaar dat ik al ruim 14 jaar actief ben als vrijwilliger bij de dierenambulance. Als ik direct of indirect dieren  kan helpen daar waar nodig is zal ik dat altijd proberen. Of het nu hooi halen voor de kinderboerderij is, of padden overzetten bij de paddentrek. Ik ga nooit op vakantie, mijn vakantie is heerlijk thuis zijn bij de katten. 

De cattery bevindt zich in het dorpje Malden, dicht bij Nijmegen. De katten leven vrij in huis en in de afgezette tuin. Er zijn twee katerverblijven waar af en toe een poes een bezoekje kan brengen. De katten zijn ook gewend aan de honden Bantoe en Nyama en aan de 4 stinkdieren Tom, Kenzo, Tommy en Dicky, uit de opvang,  die vrij in de tuin leven.




De oorsprong is terug te leiden naar de staat Maine in Noord Amerika, met zijn korte zomers, koude winters en zijn ruige klimaat.  Over het verleden van de maine coon doen vele verhalen de ronde. 

  • Het zou een kruising zijn van een huiskat en een wasbeer, ze hebben immers dezelfde mooie pluimstaart, maar genetisch gezien is dit onmogelijk.
  • Ook zou de huiskat gekruist zijn met kleine wilde kattensoorten in Maine. Maar de kleine wilde katten hebben een korte stompe staart, dit zou niet kunnen leiden tot de mooie volle staart van de maine coon. 
  • De meest romantische mythe over de herkomst is die over Kapitein Samuel Clough uit Wiscasset (Maine), Marie Antoinette (koningin van Frankrijk) en haar koninklijke katten. Documenten bewijzen dat tijdens de Franse Revolutie complotten werden gesmeed om de koningin uit Frankrijk naar de Verenigde Staten te krijgen met medewerking van de  kapitein. De koningin zou bij de kapitein en zijn familie gaan inwonen. De brieven die hij aan zijn vrouw schreef om het huis zo comfortabel mogelijk te maken voor de koningin bestaan zelfs nog. De kapitein had 6 koninklijke langharige katten. Na de onthoofding van Marie Antoinette in Frankrijk, eiste niemand de koninklijke spullen op. De katten bleven in Maine en worden door sommigen gezien als de voorouders van onze Maine Coon
  • Ook wordt gedacht aan de Noorse Boskat die werd meegenomen door de Vikingen naar de Verenigde Staten. De katten vertonen dan grote gelijkenissen met elkaar en aangezien schippers vaker katten op hun schip hielden om knaagdierplagen te voorkomen, is het goed mogelijk dat ze hiervoor de goed jagende Noorse Boskatten gebruikten.
  • De evolutietheorie houdt zich het meest staande tussen al deze mooie legendes en mythes, ofwel “de wet van de sterktste” waardoor een natuurlijke selectie ontstaat. De eerste katten zullen met schepen zijn meegekomen naar de Verenigde Staten, waar ze aan land kwamen en rondzwierven. Dieren pasten zich aan, aan het koude klimaat van Maine. De bewoners uit de staat Maine namen de kat onder hun hoede en gebruikten de kat op hun boerderijen als jager tegen knaagdieren.
  •  

    Door Janet  Marr
    
Furkats Maine Coon and poly Maine Coon Cats.
    
MaineCoon International  uitgave 15:3/98

    Vroeger was ongeveer 40% van de Maine coons met  Polydactylie. In de Amerikaanse volksverhalen werd gezegd dat deze katten wilde  jagers waren en dat ze hun overgrote voeten daarbij gebruikten om levende vis  uit de rivieren te vangen. 
Onderzoek aan katten met polydactylie tussen de  40er en 70er jaren wezen uit dat katten met deze eigenschap uit Engeland zijn  meegebracht door Puriteinen naar de Boston omgeving. 
Toen onderzoekers de  Poly katten telden stelden zij vast dat er in de omgeving van Boston een grotere  populatie was dan in New York City of Chicago. Natuuronderzoekers vermoedden dat  de directe nakomelingen van deze katten aan boord van handelsschepen leefden en  zo hun weg vonden naar Halifax, Yarmouth, Minneapolis en Nova Scotia. Deze  regio’s hadden betrekkelijk meer polydactylkatten populaties. In Europa zijn er  bijna geen polydactylkatten meer omdat in de vorige eeuw elke kat die anders was, op grond van bijgeloof (hekserij) dood werd gemaakt. 

    Polydactylie is een afgeleide van het Griekse “Poly” wat “veel“ wil zeggen. Het Griekse “Dactylo” staat voor “teen” (of vinger). Al in de  tijd van Darwin komen we katten met polydactylie tegen. Men gaat er vanuit dat  het uit een spontane mutatie is ontstaan en dat niet beide ouders belast hoeven  te zijn met het gen om een nakomeling voort te brengen die polydactylie heeft.  We onderscheiden twee vormen van polydactylie, te weten pre-axiaal en postaxiaal, waarbij deze laatste het meest zeldzaam is. Pre-axiaal is te vinden  aan de binnenkant van de poot en deze tenen zijn nagenoeg altijd volledig  ontwikkeld. Postaxiaal zit aan de buitenkant van de poot en is meestal sterk  onderontwikkeld. 
Normaal gesproken heeft de kat 18 tenen, waarbij de  verdeling is 2 x 5 tenen bij de voorpoten en 2 x 4 tenen aan de achterpoten. De  kat met polydactylie heeft dus meer tenen aan de poten. Zowel voor- als  achterpoten kunnen ermee belast zijn. 

    Feitelijk komt het niet alleen bij katten  voor. Ook mensen, honden, vogels of cavia’s kunnen het hebben. Verder is er ook  geen verschil tussen de aantallen in geslacht waar te nemen. De vererving is per  ras specifiek en de vorm die katten hebben, lijkt relatief veel op wat je ook  bij vogels ziet. Inmiddels is gebleken dat er twee rassen  zijn waarbij  polydactylie het meest voorkomt, de Pixie Bob en de  Maine Coon. 

    De poezen waarmee gefokt wordt krijgen één nestje per jaar. Voorop staat gezonde wondertjes ter wereld  brengen uit de juiste combinaties van de poezen en de katers.  Hiervoor worden eigen katers of katers van buiten de cattery gebruikt.  

    Contracten 
    De kittens worden met contract verkocht. Het contract vloeit voort uit de lijn waarmee gefokt wordt en het fokbeleid. Er is een contract voor liefhebbers en een contract voor fokkers.

    Om gezonde kittens op de wereld te zetten is het belangrijk om te testen of ouders geen erfelijke dodelijk aandoeningen/afwijkingen hebben die ze door kunnen geven aan de kittens.  Daarom  worden de poezen en katers getest op FIV, FeLV, PL, DNA: HCM1, HCM3, PKD, SMA, PRA, PK-def en bloedgroep.